De GDPR treedt op 25 mei 2018 in werking treden. Eén van de belangrijkste gevolgen van de inwerkingtreding van de GDPR, is dat de GDPR voorziet in een nieuw en vrij zwaar sanctiemechanisme ingeval schendingen bv. administratieve geldboetes of zelfs het verbod van gegevensverwerking (lees: complete lockdown). Om ervoor te zorgen dat deze sancties ook effectief worden opgelegd, heeft de wetgever de Privacycommissie omgevormd tot een effectief toezichtsorgaan: de Gegevensbeschermingsautoriteit. Of dit orgaan onmiddellijk zal overgaan tot het opleggen van administratieve boetes voor ondernemingen die niet GDPR-compliant zijn, valt nog af te wachten. In dat kader stelt zich wel een belangrijke fiscale vraag, namelijk de mogelijke aftrekbaarheid van eventuele boetes die door de Gegevensbeschermingsautoriteit zouden opgelegd worden. Mr. Pieter Van Aerschot en mr. Elke Malfait lichten dit kort even voor u toe.
Privacycommissie wordt Gegevensbeschermingsautoriteit
Om het toezicht op de naleving van de nieuwe privacyregels en de sanctionering op het overtreden ervan, te garanderen, was er een grondige hervorming nodig van het toezichthoudend orgaan. Met de wet van 3 december 2017 heeft de wetgever er dan ook meteen voor gekozen om de bestaande Privacycommissie op te heffen en te vervangen door de Gegevensbeschermingsautoriteit.
Het belangrijkste verschil is dat de Gegevensbeschermingsautoriteit – in tegenstelling tot de Privacycommissie – meer dan een louter adviesorgaan zal zijn. Deze zal immers over werkelijke onderzoeks- en sanctiebevoegdheden beschikken, waardoor de naleving van de privacyregels ook effectief zal worden gecontroleerd en bestraft.
Klachten wegens de schending van de privacyregels, zullen in eerste instantie bij een eerstelijnsdienst terechtkomen, die eventueel een bemiddelingsprocedure kan opstarten.
Het is ook mogelijk dat de zaak bij de inspectiedienst wordt aanhangig gemaakt, hetzij op verzoek van het directiecomité of de geschillenkamer, hetzij op eigen beweging indien de inspectie bepaalde inbreuken vaststelt. Deze dienst zal dan over allerlei onderzoeksbevoegdheden beschikken zoals het verhoren van personen, het voeren van plaatsbezoeken, het onderzoeken van informaticasystemen, de inbeslagname of verzegeling van goederen of informaticasystemen, enzovoort.
Interessant hierbij is dat de Gegevensbeschermingsautoriteit ook een rechtsprekend orgaan krijgt, de geschillenkamer. Deze zal de dossiers dan ten gronde behandelen en finaal uitspraak doen over de op te leggen sanctie (bv. administratieve boetes).